Jacobuskapel
|
|
|
Over Jacobus:
Waarom heet de Jacobuskapel Jacobuskapel? Het gebouw aan de Woestduinstraat heet nog niet eens zo heel lang Jacobuskapel. Toen het kerkgebouw op 27 maart 1957[1] geopend werd droeg het de naam Woestduinkerk. Maar toen het samengaan van de hervormde Pro Regekapel en de gereformeerde Woestduinkerk tot samen-onder-één-dak-wonen werd, is een nieuwe naam gekozen: Jacobuskapel. Toen de vernieuwde kerkzaal door de gezamenlijke gemeente in gebruik werd genomen werd een naambordje onthuld: Jacobuskapel.[2] Het kerkgebouw bleef voor een deel de oude naam dragen: het uitgebreide zalencentrum onder de kerkzaal heet nog steeds Woestduincentrum. Maar de rest van het gebouw heet sinds november 1995 naar Jacobus. Wie was die Jacobus? In het Nieuwe Testament komen we een drietal Jacobussen tegen. De visser Jacobus die samen met zijn broer Johannes door Jezus werd geroepen om met hem mee te gaan[3]. Hij liet zomaar zijn vader en zijn beroep in de steek en werd één van de vertrouwelingen van Jezus. In de traditie wordt hij Jacobus de Oudere (of: Meerdere) genoemd. Er is dus ook een Jacobus de Jongere (of: Mindere). Die naam draagt een andere leerling van Jezus, Jacobus de zoon van Alfeüs. En om het verhaal compleet te maken treedt er nog een Jacobus in het Nieuwe Testament op: een broer van Jezus, zoon van Maria en Jozef. Na Jezus’ dood en opstanding werd hij één van de leidende figuren in de gemeente van Jeruzalem. Van Jacobus de Meerdere wordt verteld dat hij in het jaar 44 in opdracht van koning Herodes Agrippa I terecht gesteld is. Daarmee was hij één van de eerste martelaren van het christendom. Zijn stoffelijk overschot is volgens de overlevering op wonderbaarlijke wijze terechtgekomen op de kust van Noordwest Spanje. Op de plek waar hij begraven werd, werd een kerk gebouwd en die plek werd al snel een pelgrimsplaats: Santiago (= Sint Jacobus) de Compostela. Vanaf de vroege middeleeuwen trokken pelgrims uit heel Europa naar Santiago en nog steeds zijn er mensen onderweg naar (het graf van) Jacobus. Als onderscheidingsteken dragen zij vaak een schelp (de Jakobsschelp) op hun hoed of mantel. Ook de icoon[4] van Jacobus die in onze kerkzaal staat is versierd met twee van deze schelpen.
[1] De eerste steen voor de Woestduinkerk werd gelegd op 8 januari 1955. Dit jaar (2005) is dat dus 50 jaar geleden en dat hebben we uitgebreid gevierd. [2] Dat gebeurde op 5 november 1995. Sindsdien vieren wij elk jaar op de zondag het dichtst in de buurt van 5 november dat wij samen de gemeente van de Jacobuskapel zijn. In 2005 vierden we op zondag 6 november het 10-jarig bestaan. [3] Het verhaal van zijn roeping is onder andere te vinden in het evangelie van Marcus 1: 19 – 20. [4] De icoon is gemaakt door iconenschilder Jan Verdonk en gemaakt volgens een traditioneel procédé met ei-tempera en bladgoud op een houten paneel.
|
|
Copyright or other proprietary statement goes here. |